Interview met Wilco van Rooijen – over hoe Team Ocean de Grote Oceaan trotseerde voor het bewustzijn over schoon drinkwater.

Wilco van Rooijen is bergbeklimmer, expeditieleider en professioneel avonturier. Voor Team Ocean trotseerde hij samen met zijn team de Grote Oceaan: 4.500 kilometer roeien van Californië naar Hawaï, gevolgd door een beklimming van Mauna Kea. In dit interview vertelt hij over de kracht van mentale voorbereiding, de lessen uit extreme omstandigheden en waarom deze expeditie niet alleen om grenzen verleggen ging, maar vooral om bewustwording rondom onze omgang met water.

Wat trok jou aan in de expeditie van Team Ocean, en hoe bereid je je mentaal voor op zo’n onbekend avontuur?

Wat mij aantrok in de oceaanexpeditie was juist dat ik dit nog nooit had gedaan. Ik had weleens de Atlantische Oceaan overgezeild, maar nog nooit geroeid. Laat staan over de Stille Oceaan, die bekendstaat om zijn extremen. Het avontuur kwam op mijn pad via Bela Evers, die eerder de Atlantische Oceaan was overgeroeid.
Er zijn altijd genoeg redenen om “nee” te zeggen tegen iets wat je niet kent. Maar ik zei gewoon: “JA!” Dat doe ik in de wetenschap dat je juist dan exponentieel gaat leren.

Kun je iets meer vertellen over de expeditie zelf? Wat was het doel, de route en wat maakte deze tocht uniek?

Mijn voorwaarde om mee te doen was dat er een missie aan gekoppeld werd. Niet alleen een sportieve prestatie, maar roeien voor een groter doel. We zouden 4.500 kilometer roeien van Californië naar Hawaï. Aangekomen op Hawaï wilden we de hoogste berg, Mauna Kea, beklimmen. Als klimmer van de ‘7 summits’ (de hoogste bergen op de 7 wereld continenten) stond die nog op mijn lijstje. Gerekend vanaf de zeebodem is Mauna Kea zelfs hoger dan Mount Everest: 10.200 meter versus 8.850 meter.
Het werd dus een expeditie van ‘sea to summit’. Maar het échte doel was om aandacht te vragen voor waterbewustzijn. Ons schone drinkwater staat enorm onder druk, zowel in kwaliteit als in kwantiteit. We noemden dit #aquawareness, omdat we op de oceaan zelf ons eigen drinkwater moesten maken. We waren een ‘living lab’.
In Nederland verbruiken we gemiddeld 140 liter drinkwater per persoon per dag. Op de boot moesten we het doen met 6 tot 8 liter. Dat vraagt om een radicaal andere mindset en gedrag.

Tijdens de expeditie kwam je ongetwijfeld obstakels tegen. Hoe blijf je doorzetten als het écht zwaar wordt?

Het was fysiek loodzwaar. Ons ritme was 2 uur roeien, 2 uur rust. 24 uur per dag, zes weken lang. Fysiek kun je nog enigszins herstellen met drie keer 1,5 uur slaap per nacht. Maar mentaal herstel je nauwelijks, want je komt niet in je REM-slaap.
Om overeind te blijven, hadden we ons goed voorbereid met mentale training. We werkten volgens het kPNI-model: klinische psycho-neuro-immunologie. Dat richt zich op de oorzaken van disbalans in lichaam en geest, en het optimaliseren van gezondheid door voeding, supplementen en leefstijl.

Wat leer je over jezelf als je zo ver buiten je comfortzone treedt, en hoe helpt dat je in het dagelijks leven of als spreker?

Bij dit soort expedities is geen dag hetzelfde. Je beleeft hoogte- en dieptepunten. Mijn grootste les? Tijd is een illusie. Geen enkel ander dier kent tijdsbesef. Wij mensen hebben dat concept zelf verzonnen. We onderscheiden chronos-tijd (kloktijd) en kairos-tijd. Die laatste gaat over tijd die er écht toe doet: rust, verbinding, stilte en reflectie.
Zes weken roeien lijkt lang, maar de kunst is om volledig in het moment te zijn. ‘The present’ is het enige dat echt telt. Op zee werd ik gedwongen om die focus te hebben, en dat maakte me vrij.
Een andere belangrijke les: leer luisteren naar je gevoel. Bij navigatie kijken we vaak naar schermen of dashboards, zoals piloten. Maar het echte leven speelt zich buiten de boot of het vliegtuig af. Dat grotere veld kun je voelen. Ik noem dat weleens het quantumveld, de energie die ons allemaal verbindt. Dat vraagt om voorbij je zintuigen te durven gaan, naar de staat van ultiem zijn.

Welke lessen uit het opzetten en uitvoeren van zo’n complex project zijn volgens jou één op één toepasbaar in het bedrijfsleven?

De lessen die ik leerde in dit project vertellen veel over mijzelf. De valkuil waarin ik trapte was dat ik mijn eigen verwachtingen en doelgerichtheid projecteerde op mijn teamleden. Gelukkig zorgden de strubbelingen en problemen ervoor dat we als team inzicht kregen in elkaars voorkeursgedrag. We gebruikten de methode van Discovery Insights om meer begrip te krijgen in elkaars sterke en minder sterke kanten.
Om echt verder te komen heb je alle verschillende competenties nodig. Zo verschillend mogelijk dus, en geen kopieën van je eigen gedrag. We verwachten vaak dat de ander zich wel zal aanpassen, terwijl we alleen onszelf echt kunnen veranderen. Of beter gezegd: ons verhouden tot de reële situatie. En dan ook nog zonder te oordelen. Dat is een beoefening waar ik nog niet klaar mee ben, maar waarin ik mezelf wel blijf trainen.